|
Ergens in
augustus 2005, krijg ik op de middag plots zin om te gaan vissen.
Het is zeer warm weer en ik wil niet de hele avond voor TV hangen. De
rest volgt dan heel snel. Een paar kilogram boillies, het
vismateriaal, eten, de tent en slaapzak (???) gaan de auto in en
starten maar. Na een
hobbelige trip langs de maaskant , komen we aan op de visstek. En
dan durven sommigen zich nog afvragen waarom die karperaars zoveel
op een stretcher liggen. Het is
ondertussen halfzeven. Het water ligt er rustig bij, het is windstil
en nog altijd vrij warm. Niet bepaald ideaal karperweer. Zullen ze
het vannacht doen? De muggen bijten in elk geval nu al. Verdomme, de
anti muggenspray ben ik toch vergeten . De hele
oever krioelt van het visbroed en een schooltje baars heeft dit ook
gezien. Rond acht
uur staat alles klaar en zoals altijd . Dat is nodig ook. Al eens in
het pikkedonkere met een boze karper aan de haak, uw net liggen
zoeken? Ik wel! Van daar dus. Een hele
kilo twintigers scheren met de katapult richting talud. Zowel er op
als er onder en goed verspreid liggen de boillies te wachten op
hongerige karpers. ‘s Nachts volgen ze altijd deze route en als ze
er een paar vinden, zullen ze wel verder gaan zoeken. Halfnegen,
de ondiepe hengel gaat af … aanslag ... de 3,0-er plooit zich
bijna dubbel ... De slip giert en wil direct niet stoppen. Hier doen
we het dan voor. Niet die kilo’s, lengtes of die foto’s, maar de
pure adrenalinestoot in een rustige natuur. (Vangstgegevens zijn
echter wel goed om bij te leren en als herinnering.) Een zware schub
ligt 20 minuten later op de reeds vochtig gemaakte mat. Een
degelijke onthakingsmat wordt door sommige vissers nog steeds niet
gebruikt, dus wens ik hun zoveel mogelijk muggenbeten en weinig vis.
Na haar bevrijding van de haak fluister ik haar toe, om haar
grootmoeder te sturen, en mag ze terug het water in. De hengel kan
terug in positie met een dertigtal verse boilies in de buurt van het
aas. Tevreden ga ik zitten en roken een sigaretje. Een
speciale sfeer kondigt zich aan. Geen maan, geen wind, geen geluid
en geen licht aan een aarddonker maas. Dit soort rust vind je
nergens anders. Vandaar waarschijnlijk dat het illegaal is. Al
fluisterend en genietend gaat een uur zo voorbij. De muggen hebben
me nu al half leeggezogen. Een vogel in het riet maakt een
"tuut" geluid dat veel op m’n linker beetverklikker
lijkt. Altijd weer schrikken, zo in het donker als ik dat hoor. Ondertussen
is het kwart over elven. De diepe hengel doorbreekt de stilte. Een
zwaar lomp gewicht trekt aan het andere eind van de lijn. Het neemt
weinig lijn maar komt ook geen centimeter dichterbij! Na een half
uur en mijn laarzen vol water is die situatie nog niet veranderd. Ik
denk: "dit is hem!" ofwel is dit een meerval. Want naar
het schijnt, vechten die zo. Verschillende gedachten spoken door
mijn hoofd en ik voel me klein. Na 40 minuten landt ik een donkere
spiegel met een heel "gevolg" erbij. De vis zelf schatte
ik ongeveer 10 kilo, en dat is weinig voor zo een dril. Normaal ben
ik heel blij met zo’n vis, maar toen niet. Na weging valt het
verdict, 13,8 kg. De moegestreden vis mag terug en nu gaan we de
rest bekijken. De vis blijkt tijdens de run door een marker
gezwommen te zijn. Wie gebruikt nu in hemelsnaam zo een onding als
dit’? Een metalen gewicht van 2,5 kg met weerhaken, een
metserskoord en een plastic fles. Deze heeft lange tijd onder water
gehangen, want alles ziet helemaal groen van de algen. Natuurlijk
kwam de vis niet korter! Allé ... tevreden omdat het onding er nu
uit is, gooi ik de haakboillie terug het donker in, gevolgd door een
reeks bollies. Het is ondertussen flink afgekoeld en alles is
vochtig. ik kruipen onder de wol. De tent blijft open. Ik kan de
slaap niet vatten omdat ik soms geplonsd hoor. Zouden ze ...? Een
tas koffie en veel sigaretten houden mij gezelschap. Om tien
over één, "tut!" ... De vogel? Tuuuuuut, nee nee,
karper! De tent bijna omver ... aantikken en ... hangen! Een sterke
vis neemt twintig meter lijn, scheert naar rechts en neemt mijn
andere lijn mee. Na wat stuntwerk zijn de lijnen uit mekaar en
glijdt een lange zilveren torpedo over de netkoord. Het blijkt een
originele "boeren" te zijn. Niet zo zwaar maar lang en
sterk zoals deze moeten zijn. Ook hij mag na een foto terug naar
z’n vertrouwde omgeving. Wat is
dat? Lichtje aan de overkant! Controle? Nee, kan niet. Daar zat
gisterenavond geen visser. Dan ... gelach en geroep! Een groepje
jongeren houdt er een fuifje met kampvuurtje en al. Morgen zullen we
de resten er wel van vinden. Door deze
praktijken is het dus verboden hier ‘s nachts rond te hangen. En
wie draait daar altijd mee voorop? Juist! Die rare mannen in hun
tentje. Goed, even afgeweken. De vraag aan mij was eigenlijk, waarom
ik hier kwam zitten op zo een verderfelijk uur? Niet, waarom het
niet mag. Beide
hengels liggen terug te wachten en een dertigtal boillies zijn weer
weggekatapulteerd. Naar waar weet ik niet juist, maar nu kunnen ze
lekker zoeken. Terug in
de tent roken ik nog een sigaretje en ga dan slapen. De tentdeur
wordt niet dichtgeritst. Kwestie van openstaan, voor nog een
aanbeet. Het is al
vijf uur ‘s ochtends. Door een lange tuut word ik brutaal gewekt
en er wordt direct ingegrepen. Ik zou eigenlijk zelf wel eens willen
zien hoe ik zo half slapend uit de tent stuntel en rol, gefixeerd op
een lawaaimakend blauw lichtje. Het moet echt een gek gezicht zijn.
De vis die me dit lapte, trekt zich daar blijkbaar weinig van aan en
laat zien wat hij kan. Tien minuten later komt een zware spiegel op
de mat te liggen. Het is erg mistig geworden. De rig heeft langs
ijzersteen geschuurd en is voor de vuilnisbak. Eigenlijk
heb ik geluk gehad, deze laatste nog te kunnen landen aan het dunne
draadje dat nog overbleef. Ja, je leest het goed, de laatste! Er wacht
mij nog een drukke dag, dus we pakken in. Rechts van
ons en tegenover ons zijn collega’s pas gestart aan een dagje
karperen. Ik heb hen niet eens zien aankomen en heb ook niets
gehoord. Dus al bij al heb ik toch drie en een half uurtje vast
geslapen. Ik wens hun in mezelf het beste toe en ik vertrek. De
terugtocht naar de auto duurt nu veel langer dan gisteren. Vermoeid
maar tevreden begin ik de dag. De beste
uren in de zomer zijn nu eenmaal de ochtend en de valavond. Mits de
vis wat mee wil, is het soms donker voor je het weet. Je mag ook tot
twee uur na zonsondergang vissen aan het water. "Wat is dan het
probleem?" Zul je, je afvragen. Wel, heb je al eens al je
karpermateriaal in het pikkedonker ingepakt? Vervolgens in ‘t
donker met het bootje teruggevaren? Ja, ik ga nu met een bootje
vissen. Dan vervolgens alles in je wagen overladen, als je die
tenminste terugvindt? Eén keer
heb ik dat gedaan. Resultaat: op mijn camera getrapt, boillienaald
verloren, gevloekt om die tent ingepakt te krijgen en bijna
verongelukt bij het overladen van de batterij. Nee dank u
wel, een ezel stoot zich ... En als ik dan toch ooit controle krijg
van de politie omdat ik vredig lig te slapen in de weidse natuur,
zal ik hen vragen om mij te helpen bij het inpakken en te
"belichten". Ik ben echt mijn leven en materiaal nog niet
moe. © Copyright |